vwo 1

Je zit in groep 7 of 8, je bent een heel goede leerling en krijgt het advies vwo. Mooi. En ook spannend. Want dat betekent, dat je in het voortgezet onderwijs in een klas terechtkomt met allemaal leerlingen die goed kunnen leren. Op de basisschool heb je – als je eerlijk bent – niet superhard hoeven leren om prima cijfers te halen. En je weet, dat gaat veranderen, want in een vwo-klas ligt het niveau en het tempo hoger. Maar weet ook: dit kun je gewoon aan. Wel hoort bij een vwo-opleiding een passende studiehouding: we verwachten gemotiveerde leerlingen, die nieuwsgierig zijn, steeds meer willen weten, kritisch zijn en willen leren van hun fouten.

Het eerste jaar is echt wennen: veel meer docenten, nieuwe vakken, meer huiswerk, een langere weg naar school en een nieuwe klas. Om te wennen, is er een introductie in de eerste week, waarin je je klasgenoten en de docenten veel beter leert kennen.

In de studielessen leer je, hoe je nu eigenlijk het beste je studie kunt aanpakken. De mentor is de docent die je het meeste ziet en spreekt en jouw vertrouwenspersoon. Ieder jaar krijg je een andere mentor. De vwo-afdeling wordt geleid door Bram Thielen. Met hem heb je dus zes jaar lang te maken.

Vwo-leerlingen die hun opleiding voor een groot deel in het Engels willen doen, moeten zich aanmelden voor tweetalig onderwijs en starten vanaf dag 1 in een andere klas. Tweetalige leerlingen krijgen dezelfde stof en hetzelfde examen als vwo-leerlingen in de Nederlandstalige afdeling en daarnaast nog een aantal extra taken.

De reguliere vwo-leerling heeft weer andere mogelijkheden om zijn opleiding uitdagend te maken: Spaans, filosofie, science, Dutch Design en een module mini-Lagerhuis (Wat zou dat nu zijn??)

Het brugklasjaar is een jaar oriënteren: ben je gemotiveerd, vind je studeren een uitdaging, ben je nieuwsgierig en leergierig, heb je de juiste capaciteiten en de juiste studiehouding, dan is vwo de opleiding voor jou.

NIEUWSARCHIEF